Met mijn Hammond beoog ik een verbinding tussen de oorspronkelijke analoge ‘tubesound’ Hammondtechniek en het hedendaags technologische tijdperk. Oorspronkelijke muzikale inspiratie vond ik in de ‘zwarte’ jazz-, blues- en gospelmuziek, maar inmiddels hebben ook allerlei ‘blanke’ stromingen invloed.
Artiesten die me enorm hebben beïnvloedt als muzikant, componist en producer zijn organiste Rhoda Scott (mijn eerste idool als jomgen van twaalf), Jimmy Smith (zijn ongeëvenaarde virtuositeit en als groot vernieuwer), Eddy Louiss (de meest smaakvolle organist en van onuitwisbare indruk op Stan Getz’ Dynasty in Ronnie Scott’s JazzClub).
Als producer en veelzijdig icoon is Quincy Jones vooral in de samenwerking met Michael Jackson onvergetelijk en is natuurlijk Stevie Wonder gebruikmakend van analoge synths, eenYamaha GX1 wonderorgel en zijn tijdloze liedjes een grote invloed geweest. Prince zag ik voor het eerst in Utrecht met zijn Sign’O times tour en wat een revelatie was hij toen. Joe Zawinul is de eerste personificatie van synthesizergebruik in jazzrockmuziek en blijft hét voorbeeld in eigenheid, sound&controlling en als bandleider. Ik heb hem gelukkig vaak mogen aanschouwen. Björk maakt van de meest hippe popmuziek écht kunst en weet de grens van music meets technology te bereiken zonder dat je daarbij afhaakt. Peter Gabriël, Muse, Radiohead zijn allemaal erg tof!
In mijn eigen ontwikkeling blijkt de combinatie van instrument, het componeren, produceren én organiseren mijn pad: een creative producer. De ontwikkeling van een persoonlijke speeltechniek op mijn Hammond is vaak ingegeven geweest door een hang naar vernieuwing, maar ontstond ook door onwetendheid. Neem mijn basspel op voetpedalen. De eerste platen die ik naspeelde waren niet gecombineerd met interactieve filmpjes of links naar websites en You Tube. Kortom, ik ging ervan uit dat de basfunctie op een Hammondorgel door de voeten dienden te worden gereproduceerd. Later bleek dat vrijwel alle Hammondorganisten de basnoten met hun linkerhand op het onderklavier speelden. De pulse van de toon werd gegenereerd door met de voet mee te tappen op het pedaal, niet uitmakend welk pedaal je speelde…..en ik maar oefenen met m’n voet!
De originele Hammondbastoon liet ik voorzien van een originele sustainoptie, maar kon niet de zelfstandige basfunctie in een band vervullen zoals ik dat wilde. Deze bastoon werd versterkt door een Leslie speaker waarin ook het orgelgeluid wordt rondgeslingerd om zo een Dopplereffect te creëren. Gecombineerd met de bas ontstaat er een soort ondefinieerbaar midlaag. Tijdens een midicursus begin jaren tachtig ontmoette ik specialist Ernst Bonis en hij introduceerde me bij Yamaha Music Europe. In samenwerking met hen begon ik mijn technologische zoektocht die nog immer voortduurt. Een eerste generatie MIDI interfaces werden in mijn B3 ingebouwd, maar deze midi interfaces waren nog niet aanslaggevoelig, Ernst Bonis bouwde basgeluiden in een Yamaha TX81Z synthesizer en later een TG77 en op deze wijze kon ik via separate basversterking mijn gewenste bassound verbeteren.De TG77 werd vervangen door diverse Clavia Nord modules en sinds 2009 heb ik een fantastische Moog Voyager synthesizer die voor een persoonlijke bassound zorgt.
.
(aanpassingen aan het orgelpedaal door een omgebouwde Yamaha KX5 als aanslaggevoelige midi interface te gebruiken)
.
Aanpassingen aan sound en controllers vonden ook hun weg in de algehele opbouw en transportsystematiek inclusief boormachine (met dank aan genie Ad van Ooyen) van mijn B3. Lees hierover in het interview in Interface waarin deze huidige setup uitgebreid wordt besproken (zie de in het nieuws).
Een ander voorbeeld van een aanpassing aan mijn B3 is het volume- of zwelpedaal dat een zeer korte slag heeft en zeer dynamisch spelen mogelijk maakt. Het is als het ware mijn toucher.
De Leslieschakelaars die normaliter aan de linkerkant van het klavier zitten zijn naar rechts verplaatst waardoor ik deze ook met mijn onderarm kan bedienen en geen hand van het klavier hoef af te halen tijdens het spel. Drie ingebouwde microfoons in de Leslie147 kunnen gelijktijdig worden afgetapt voor PA en eigen afluistering. Een controller is aangebracht om pitch, volume en modulatie van de bassound te regelen en een analoog wah-wah pedaal kan het orgelsignaal vervormen.
Een orgelvocoder kan worden aangestuurd door mijn stem, een sustainpedaal triggert via mijn knie padsounds op een extra klavier, met een controlunit kan het directe orgelsignaal worden gemengd met een realtime bewerkt orgelsignaal, een ‘eighties’ Yamaha breathcontroller gebruik ik om plugins en filters aan te kunnen blazen en met een software sampler opnemen en loopen. Al deze mogelijkheden dragen bij aan het personificeren van mijn Hammondsound!
.
(het aangepaste volumepedaa en de ingebouwde boormachine die de B3 laat zakken en stijgen)

